Aleksandr Poesjkin
De Russische dichter die drie jaar verbanning in Chișinău doorbracht
1799-1837

Foto: Tomasz Bladyniec, CC BY 4.0, via Wikimedia Commons
Foto: Adam Jones from Kelowna, BC, Canada, CC BY-SA 2.0, via Wikimedia Commons
Foto: TotalAnarchy, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons
Lees de tekst van de video NL-VL
Een ongewenste reis
Op 21 september 1820 komt een dichter van eenentwintig jaar aan in Chișinău. Hij is niet vrijwillig gekomen. Hij werd in 1799 in Moskou geboren, en in de literaire kringen van de hoofdstad is hij al bekend. Hij heet Aleksandr Poesjkin, en de tsaar wil hem zo ver mogelijk van Sint-Petersburg houden. Drie jaar zal hij in deze stad wonen. Het huis waar hij de eerste maanden doorbracht, staat er nog altijd.
Gedichten die stoorden
Poesjkin had politieke gedichten geschreven, zoals zijn Ode aan de vrijheid. Hij was ook een woordvoerder geworden van radicale jonge schrijvers. Tsaar Alexander de Eerste was daar niet mee opgezet. In mei 1820 werd de jonge dichter naar het zuiden overgeplaatst. Hij reisde via de Kaukasus en de Krim. Zijn bestemming was Chișinău, de hoofdstad van Bessarabië, het gebied tussen Prut en Nistru dat Rusland in 1812 had ingelijfd.
Een stad vol nieuws
In Chișinău werkte hij onder generaal Ivan Inzov, die het gebied bestuurde. De stad lag dicht bij het Ottomaanse Rijk. In 1821 brak de Griekse opstand uit, en Poesjkin raakte betrokken bij de Filiki Eteria, het geheime genootschap dat die opstand voorbereidde. Hij hield er een dagboek over bij.
Gedichten uit het zuiden
Hier werkte hij aan twee lange romantische gedichten, De gevangene van de Kaukasus en De fontein van Bachtsjisaraj. Ze maakten hem bekend bij het grote publiek. De gevangene van de Kaukasus verscheen in 1822. Het waren verhalen over gevangenschap en onmogelijke liefde, geschreven door een man die zelf niet weg mocht. In 1823 vertrok Poesjkin naar Odessa, waar hij opnieuw in conflict kwam met de overheid.
Het huis aan Anton Pann
Het kleine huis in de straat Anton Pann, nummer negentien, werd op 10 februari 1948 een museum. Poesjkin woonde er ongeveer drie maanden. Er hangen prenten en schilderijen, er staat decoratieve kunst uit zijn tijd, en er liggen ook uitgaven van wat hij in Bessarabië schreef. Het gebouw is beschermd als architectuurmonument van nationaal belang. Volgens de stad is het een van slechts twee huizen ter wereld waar Poesjkin woonde die bewaard zijn gebleven.
Een monument van de stad
In 1885 kreeg Chișinău een monument voor Poesjkin, ontworpen door beeldhouwer Aleksandr Opekoesjin. De inwoners betaalden het zelf, met duizend gouden roebels. Alleen Moskou had al eerder een Poesjkinmonument. Het borstbeeld staat aan het begin van de Aleea Clasicilor, de laan met bronzen borstbeelden van Roemeense en Moldovaanse schrijvers. Na Chișinău en Odessa volgde nog een verbanning, naar het landgoed van zijn moeder bij Pskov. Poesjkin stierf in 1837 in Sint-Petersburg, na een duel. Zijn borstbeeld in het park is vandaag het oudste bewaarde monument van de stad die hem ooit tegen zijn wil ontving.
Foto's: Adam Jones from Kelowna, BC, Canada (CC BY-SA 2.0), DIMSFIKAS (CC BY-SA 3.0), Orest Kiprensky (Public domain), Lev Lagorio (Public domain), Adam Jones from Kelowna, BC, Canada (CC BY-SA 2.0), Aleksander Ludwik Molinari (Public domain), Vyacheslav Bukharov (CC BY-SA 4.0), Vyacheslav Argenberg (CC BY 2.0), Alex Zelenko (CC BY-SA 4.0), Franciszek Ksawery Lampi (Public domain), Eugène Delacroix (CC BY-SA 4.0), Joseph Denis Odevaere (Public domain), Johann Georg Christian Perlberg (Public domain), A.Savin (CC BY-SA 3.0), Tiia Monto (CC BY-SA 3.0), Oleksandr Malyon (CC BY-SA 4.0), Alexey Gomankov (CC BY-SA 3.0), Alicia Gonzo (CC BY 3.0), Adam Jones from Kelowna, BC, Canada (CC BY-SA 2.0), TotalAnarchy (CC BY-SA 4.0), Adam Jones from Kelowna, BC, Canada (CC BY-SA 2.0), Alexander Murvanidze (CC BY-SA 3.0), Adam Jones from Kelowna, BC, Canada (CC BY-SA 2.0), Myrabella (CC BY-SA 3.0), Adam Baker (CC BY 2.0), Criss90kf (CC BY-SA 4.0), Giku (Public domain), Dror Feitelson (CC BY-SA 3.0). Stem: synthetische stem (AI).
Aleksandr Poesjkin, de grondlegger van de moderne Russische literatuur, werd in 1820 wegens politieke gedichten uit Sint-Petersburg verbannen en kwam zo in Chișinău terecht. Hij bleef er tot 1823 en schreef er onder meer De gevangene van de Kaukasus en De fontein van Bachtsjisaraj. Het huis waar hij de eerste maanden woonde, is sinds 1948 een museum.
Band met MoldaviëAleksandr Poesjkin woonde van september 1820 tot 1823 als verbannen dichter in Chișinău, toen de hoofdstad van het Russische gebied Bessarabië.
Poesjkin werd op 6 juni 1799 in Moskou geboren. Zijn Ode aan de vrijheid en andere politieke gedichten wekten de woede van tsaar Alexander I, en in mei 1820 werd hij naar het zuiden overgeplaatst. Via de Kaukasus en de Krim kwam hij op 21 september 1820 aan in Chișinău, de hoofdstad van het Russische Bessarabië. Generaal Ivan Inzov, die het gebied bestuurde, was er zijn chef.
In Chișinău werkte hij aan de romantische verhalende gedichten De gevangene van de Kaukasus en De fontein van Bachtsjisaraj, die hem bekend maakten. Hij kwam er ook in contact met kringen rond de Filiki Eteria, het geheime genootschap dat de Griekse opstand tegen de Ottomanen voorbereidde. In 1823 vertrok hij naar Odessa. Hij stierf op 10 februari 1837 in Sint-Petersburg, na een duel.
Het verband met Moldavië
Zijn jaren in Bessarabië vallen samen met de zuidelijke gedichten waarmee hij doorbrak. Chișinău is daardoor een vaste halte op de kaart van zijn leven, en in de stad is een straat naar hem genoemd.
Waar u hem tegenkomt
Het huismuseum in de Strada Anton Pann 19, waar hij ongeveer drie maanden woonde, kreeg op 10 februari 1948 de museumstatus en toont prenten, schilderijen en uitgaven uit zijn Bessarabische periode. In het Ștefan cel Mare-park staat het monument van Aleksandr Opekoesjin uit 1885, betaald door de inwoners van de stad. Het is het oudste bewaarde monument van Chișinău.
Kernfeiten
- Aankomst in Chișinău op 21 september 1820
- Vertrek naar Odessa in 1823
- Huismuseum in Chișinău sinds 10 februari 1948
- Monument van Opekoesjin in het stadspark uit 1885